De kleineondernemersregeling voor de omzetbelasting (BTW)

Kleineondernemersregeling
Voor ondernemers die weinig omzetbelasting (in de volksmond meestal BTW genoemd) behoeven af te dragen, is de kleineondernemersregeling in het leven geroepen, veelal ook aangeduid met de termen k/o-regeling of KOR.
Toepassing van de kleineondernemersregeling kan betekenen dat minder (of zelfs helemaal geen) BTW betaald behoeft te worden en dat ontheffing van de administratieve verplichtingen voor de BTW gevraagd kan worden. De ontheffing houdt onder meer in dat de ondernemer geen aangifte meer hoeft te doen. Men moet wel de facturen bewaren voor een eventuele controle.

Er gelden 4 voorwaarden voor toepassing van de kleineondernemersregeling:

  • De ondernemer betaalt, na aftrek van de voorbelasting, in een jaar € 1.883 of minder BTW.
  • Er is sprake van een eenmanszaak of van een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, zoals een maatschap of vennootschap onder firma*¹.
  • De ondernemer voldoet aan de administratieve verplichtingen voor de BTW, zoals het regelmatig boeken van de ontvangsten en het bewaren van de facturen.
  • De ondernemer is in Nederland gevestigd.

Hoe groot de belastingvermindering is, hangt af van het btw-bedrag dat in een jaar betaald zou moeten worden, zie hierna.
Een aantal aandachtspuntjes van de kleineondernemersregeling:
– Verhuurders van onroerende zaken die hebben geopteerd voor belaste verhuur mogen de kleineondernemersregeling niet toepassen.
– De kleineondernemersregeling is niet van toepassing op de omzetbelasting die een ondernemer of een niet-ondernemer op een factuur heeft vermeld, maar die volgens de BTW-wetgeving niet verschuldigd is.
– Een ondernemer die meer dan één bedrijf heeft moet deze soms voor de toepassing van de kleineondernemersregeling gezamenlijk in aanmerking nemen. De kleineondernemersregeling geldt namelijk voor de ondernemer en niet voor de onderneming.
Een ondernemer met 2 of 3 eenmanszaken telt het totaal bij elkaar op om te beoordelen of hij recht heeft op de vermindering. Heeft een ondernemer een eenmanszaak en is hij daarnaast vennoot in een v.o.f., dan moet de kleineondernemersregeling voor de beide ondernemingen apart beoordeeld worden. Voor de BTW geldt de v.o.f. namelijk als de ondernemer.
– Als men in de loop van het jaar een onderneming begint of beëindigt of een bedrijf overneemt, dan heeft men recht op de volledige vermindering van de kleineondernemersregeling. De vermindering behoeft dus niet tijdsevenredig berekend te worden, maar geldt per (boek)jaar.
– Het voordeel van de belastingvermindering van de kleineondernemersregeling moet opgeteld worden bij de jaarwinst voor de inkomstenbelasting.

Hoogte van de vermindering ingevolge de kleineondernemersregeling

De vermindering voor kleine ondernemers is niet vastgesteld op een vast bedrag, maar vormt een glijdende schaal. De vermindering is kleiner naarmate de af te dragen omzetbelasting (= verschuldigde belasting minus de voorbelasting) dichter bij de grens van € 1.883 ligt*²:

  • de af te dragen BTW bedraagt € 1.345 of minder: de vermindering is gelijk aan de af te dragen BTW;
  • de af te dragen BTW bedraagt meer dan € 1.345, maar niet meer dan € 1.883: de vermindering is gelijk aan 2,5 maal het verschil tussen € 1.883 en de af te dragen BTW.

Tijdstip van het genieten van de vermindering ingevolge de k/o-regeling

De vermindering ingevolge de k/o-regeling kan op 2 manieren berekend worden.

  • Aan het eind van het kalenderjaar of boekjaar wordt de vermindering berekend met behulp van de jaarcijfers. Het berekende bedrag wordt in mindering gebracht bij de laatste aangifte van het (boek)jaar, dan wel bij de eerste aangifte van het nieuwe (boek)jaar. Het bedrag van de vermindering wordt vermeld bij vraag 5d van de aangifte.
  • Als aangifte per maand of per kwartaal wordt gedaan, dan mag bij elke aangifte een voorlopige vermindering worden toegepast, indien aannemelijk is dat de ondernemer over het hele jaar genomen in aanmerking komt voor de vermindering ingevolge de kleineondernemersregeling.

Hoeveel de voorlopige vermindering is, hangt af van het BTW bedrag dat naar schatting over het hele jaar afgedragen zou moeten worden. In onderstaande tabel staan de bedragen die maximaal als voorlopige vermindering gehanteerd mogen worden.

BTW Bedrag Afdracht naar schatting per jaarMaximale voorlopige vermindering per kwartaalMaximale voorlopige vermindering per maand
niet meer dan € 1.345Het belastingbedragHet belastingbedrag
meer dan € 1.345, maarniet meer dan € 1.475€ 250€ 83
meer dan € 1.475, maarniet meer dan € 1.611€ 159€ 53
meer dan € 1.611, maarniet meer dan € 1.747€ 68€ 23
meer dan € 1.747€ 0€ 0

De voorlopige vermindering kan nooit hoger zijn dan het bedrag dat in principe betaald zou moeten worden en kan dus nooit tot een teruggaaf leiden. Heeft men recht op een voorlopige vermindering van € 83 per maand en men hoeft over een bepaalde maand bijvoorbeeld slechts € 60 af te dragen, dan is de voorlopige vermindering die maand dus € 60. Dit “tekort” mag niet in een volgende maand ingehaald worden.*³

Doet u zaken met andere EU-landen of geldt er een verleggingsregeling?

Als u zaken doet met ondernemers in andere (EU-)landen of als een verleggingsregeling wordt toegepast, dan gelden er bijzondere regels bij de berekening van de vermindering. Het voert te ver om deze regels in dit artikel te bespreken.

Ontheffing administratieve verplichtingen

Als het aannemelijk is dat een ondernemer jaarlijks niets hoeft te betalen na toepassing van de vermindering ingevolge de kleineondernemersregeling, dan kan hij worden ontheven van de administratieve verplichtingen voor de BTW door het indienen van een schriftelijk verzoek bij de inspecteur. Uiteraard zal op enigerlei wijze aangetoond moeten kunnen worden, dat men jaarlijks minder dan € 1.345 verschuldigd is. De inspecteur beslist op het verzoek bij beschikking, waartegen eventueel bezwaar aangetekend kan worden. Als de ontheffing wordt verkregen, dan gaat deze in bij het begin van het eerstvolgende (boek)jaar.
Aan het verlenen van de ontheffing zijn 2 voorwaarden verbonden:
1. op uit te reiken facturen mag geen omzetbelasting vermeld worden;
2. inkoopfacturen moeten 7 jaar bewaard worden.

Als voordelen van de ontheffing kunnen genoemd worden de administratieve lastenverlichtingen: men behoeft niet meer te voldoen aan de administratieve verplichtingen die gelden voor de omzetbelasting, en men is niet meer verplicht tot het doen van periodieke aangiften. (Wel verstuurt de Belastingdienst ieder jaar een vragenformulier, op basis waarvan men beoordeelt of de ontheffing voortgezet kan worden.)
Er kunnen ook nadelen verbonden zijn aan de ontheffing van de administratieve verplichtingen. Men kan de in rekening gebrachte BTW niet meer terugkrijgen in gevallen waarbij de voorbelasting meer bedraagt dan de verschuldigde belasting. Dit kan zich voor doen bij grotere investeringen. Er mogen geen facturen afgegeven worden met vermelding van omzetbelasting, ook niet als afnemers (ondernemers) hier om vragen. De ontheffing heeft dan ook alleen maar zin voor ondernemers die (bijna) uitsluitend prestaties verrichten ten behoeve van particulieren en/of ondernemers die geen recht hebben op aftrek van voorbelasting.
In de praktijk kan men beter geen ontheffing vragen, maar verzoeken om jaaraangifte te mogen doen. De genoemde nadelen spelen dan niet. Het voordeel van de administratieve lastenverlichtingen is ook maar beperkt te noemen: voor de later in te dienen aangifte voor de inkomstenbelasting zal men toch een (eenvoudige) administratie moeten voeren. Deze volstaat normaliter ook voor de omzetbelasting.

*¹ De kleineondernemersregeling geldt niet voor individuele personen die samenwerken in een maatschap, firma e.d., maar voor dat samenwerkingsverband in zijn totaliteit. Een firma met 2 firmanten heeft dus slechts recht op één keer de vermindering.
De kleineondernemersregeling is niet bestemd voor rechtspersonen of combinaties van natuurlijke personen met rechtspersonen, maar gedurende de zogenaamde voorperiode waarin een BV nog in oprichting is, kan sprake zijn van een samenwerkingsverband van natuurlijke personen. De BV in oprichting kan dan ook de kleineondernemersregeling toepassen, ook als de winst van de voorperiode wordt toegerekend aan de latere BV!
*² Indien de ondernemer geopteerd heeft voor BTW-belaste verhuur, dan moeten bij de berekening van de vermindering uit hoofde van de kleineondernemersregeling de wegens die verhuur verschuldigde omzetbelasting en de aan die verhuur toe te rekenen voorbelasting buiten de berekening gelaten worden. De kleineondernemersregeling geldt dus alleen voor de overige belaste activiteiten die de verhuurder heeft.
*³ Na afloop van het (boek)jaar moet (op jaarbasis berekend) worden nagegaan of de voorlopige verminderingen niet te hoog of te laag zijn geweest. Zijn deze te hoog geweest, dan moet het verschil volgens de wet in de eerste aangifte van het volgende jaar worden opgenomen als bij te betalen bedrag bij vraag 5d. Correctie in de laatste aangifte van het (boek)jaar zelf kan uiteraard ook.
Hetzelfde geldt indien de voorlopige verminderingen te laag zijn geweest. Dit corrigeert men ofwel in de laatste aangifte van het (boek)jaar zelf, of in de eerste aangifte van het daaropvolgende jaar.

Informatie

Hebt u opmerkingen na het lezen van dit artikel over de kleineondernemersregeling? Stuur ons een e-mail via info@visservaneck.nl.
Meer weten over onze dienstverlening als administratiekantoor?
Terug naar onze homepagina? Voor meer artikelen klikt u hier.

Om de leesbaarheid van dit artikel over de kleineondernemersregeling voor de BTW te bewaren zijn uiteraard alleen de hoofdpunten van de materie besproken kunnen worden. Aan de juistheid van het artikel hebben we veel aandacht besteed. Aansprakelijkheid voor de inhoud of voor handelen van derden op basis van de inhoud kan niet worden aanvaard. Het is niet toegestaan om (delen van) de inhoud van onze website te gebruiken, te vermenigvuldigen of te verspreiden anders dan door een link te plaatsen naar de betreffende pagina van onze website.
© Administratiekantoor Visser & van Eck BV Capelle a/d IJssel. Auteur: mr. L.C. van Trotsenburg.

 


andere onderwerpen:
| werkkostenregeling | | factuureisen | | verklaring arbeidsrelatie | | beoordeling dienstbetrekking |
| fictieve dienstbetrekking | | administratieve achterstanden wegwerken | | opzetten administratie |
| administrateur rotterdam | | administratie uitbesteden | | financiële administratie | | verwerken administratie | salarisadministratie rotterdam | | boekhoudkantoor rotterdam |
| salarisadministratie capelle | | opstellen jaarrekeningen | | sitemap |